Agriboard streeft naar nieuwe "Groene Poort"
Noord-Holland Noord ondergaat de komende jaren een gedaanteverwisseling. Daarvan is Jacques Dekker, één van de projectleiders van Agriboard, overtuigd. Het gebied boven de lijn Alkmaar- Hoorn zal zich ontwikkelen tot een nieuwe ‘Groene Poort’ voor Nederland. “Qua economisch belang vergelijkbaar met deGreenports Aalsmeer en Westland.” Via ‘innovatieve ruimtelijke ordening’ en ‘een functionele inrichting van de ruimte’, kan de regio het zeker ver schoppen.
Op 4 november werd Agriboard Noord-Holland Noord officieel geïnstalleerd. Op die dag namen vertegenwoordigers van (agrarisch) bedrijfsleven, overheden en onderwijs- en onderzoeks-instellingen zitting in de netwerkorganisatie,die zich de komende jaren gaat bezighouden met de gemeenschappelijke ontwikkeling van de agribusiness in Noord-Holland Noord. Regie en synergie zijn daarbij de sleutelwoorden, stelt Dekker. De oud-directeur van de Kamer van Koophandel in Hoorn (inmiddels samengegaan met Alkmaar) is één van de ontwerpers van de regionale strategie en overtuigd van de agrarische potentie van de regio. Met aanstekelijk enthousiasme somt hij een reeks kwaliteiten op, die het gebied nu al herbergt. “Als we al die kennis en kunde eens aan elkaar knopen en profiteren vanelkaars kwaliteiten, dan ontstaat een ijzersterke economische regio, met internationale allure.”
Het binnenhalen van de organisatie voor de Floriade in 2022 is een van de aansprekende ambities van Agriboard. Dekker: “Niet als een doel op zich, maar als een bewijs vaneigen kunnen. Het evenement heeft uitstraling over de hele wereld. Als de regio de kansen weet te grijpen, is die tentoonstelling straks de spreekwoordelijke kers op de taart.” Metamorfose De sterren staan gunstig, voor een regionale metamorfose, constateert Dekker. De provincie ondersteunt het initiatief. In woorden, maar ook in daden, getuige de structuurvisie en de middelen die beschikbaar worden gesteld. In het ruimtelijke beleid is Noord-Holland Noord primair aangewezen als agrarisch gebied. “We hebben en krijgen dus de ruimte. Dat is één. Ook de technische voorwaarden zijn goed. Qua licht, bodem en klimaat scoort de regio hoog. Niet voor niets wordt hier een breed pallet aan groente en bloemen geteeld, zowel in de volle grond als onder glas. Voeg daar nog eens het onderwijs en alle ketenpartijen bij en we hebben alle ingrediënten voor het slagen van onze ambities al in huis.” Garanties geeft dat niet, waarschuwt Dekker. “Of het daadwerkelijk, lukt hangt af van de bereidheid van alle betrokkenen om nieuwe wegen in te slaan, samen te werken en solidair met elkaar te blijven. Daarop moet Agriboard toezien en tegelijk nieuwe en gemeenschappelijke initiatieven stimuleren. Uiteindelijk zijn het wel de ondernemers die met initiatieven moeten komen. Agriboard is er om de gunstige voorwaarden te creëren.”
Volgens Dekker is de afgelopen jaren bewezen, dat het bedrijfsleven kan, wil en durft in te springen. De internationale positionering van het zaadbedrijfsleven in de stichting Seed Valley en de ontwikkeling van Agriport/ A7 zijn daar de concrete bewijzen van. Dekker: “Het eerste voorbeeld qua bundeling van kennis en kunde en het tweede qua investering in nieuwe bedrijvigheid. Ik ben nauw betrokken geweest bij de introductie van Seed Valley. Wat we daar in het ‘klein’ hebben opgezet, willen we met Agriboard breder trekken. De koppeling met onderwijs- en kennisinstituten is essentieel. We zijn op diverse terreinen koploper in de wereld. Om die voortrekkersrol te behouden, moet de regio wel actie ondernemen, gelet ook op de ontwikkelingen om ons heen.”
Baanbrekend
Uit de ervaringen van Agriport A7 kan sowieso veel lering worden getrokken, stelt Dekker. “Het is een baanbrekende ontwikkeling. In een relatief korte tijd is daar een serieuze glaslocatie uit de grond gestampt. Dat trekt allerlei andere bedrijvigheid aan, zoals het datacentrum dat zich daar nu ook vestigt. Ogenschijnlijk is dat een hele andere branche, maar zo’n bedrijf zit graag in de buurt van kassen, vanwege de uitwisseling van warme en koude energiestromen. Dat maakt het een verrassende, maar tegelijk ook hele efficiënte combinatie, waarvan zowel de economie, als het milieu profiteren.” Bij het uitwerken van zulke combinaties, komt de overheid om de hoek kijken, stelt Dekker. “Daar moet een omslag in denken plaatsvinden. Dergelijke nieuwe activiteiten moeten namelijk wel voortvarend worden opgepakt. Met stroperige procedures of star vasthouden aan regeltjes en voorschriften, stranden dergelijke initiatieven onherroepelijk.” Dekker is van mening dat veel meer moet worden gedacht in ruimtelijke contouren, in plaats van grenzen. “Het is niet zozeer de sectorale verkaveling van de ruimte, als wel de functionele inrichting, die ertoe doet. Plannen moeten veel meer worden beoordeeld op hun functionele belang . Er is behoefte aan innovatieve ruimtelijke ordening. De eventuele ontwikkeling van een groot aquacultuurpark en een biologische energiecentrale, zijn in dat kader goede testcases.” Alle genoemde initiatieven voldoen aan het predicaat duurzaam. Volgens Dekker een absolute voorwaarde om in de toekomst economisch een voorname rol te (blijven) spelen. “Juist in die moderne combinatie van activiteiten, liggen de kansen. We denken dan onder meer aan efficiënt energiegebruik, hergebruik van reststromen en korte logistieke lijnen.” Ook de potentie van Den Helder zou in dat kader nog eens nader moeten worden bekeken, vindt Dekker. “De marine krimpt in, waardoor ruimte ontstaat voor nieuwe functies, zoals een uitvoerhaven van onze agrarische producten. En zeg niet dat zoiets niet kan. In het buitengebied slaan we ook nieuwe wegen in. De productie van bulkproducten alleen, heeft geen toekomst. De regio moet op zoek naar de toegevoegde waarde, waarbij Agriboard kan helpen om die te vinden.